Fomo

Praktisch iedereen lijdt eraan, maar we zitten nog in de kast. Sterker: we weten het zelf vaak niet eens: wij, mensen, zijn homo fomo. Wij zijn mensen die regelmatig bang zijn om een beter feestje te missen. Of een beter leven. Of net niet op het juiste moment op de juiste plek te zijn, in onze carriere, op de liefdesmarkt terwijl anderen dat wel zijn.

Ellen DeGeneres duidt het onderwerp op een grappige manier:

Want dat is wat veel mensen doen. Grappen maken over FOMO. Maar ondertussen zegt de Oxford Dictionary dat 75% van de millenials er aan lijdt. Een beetje onwerkelijk. Het is net als met het feit dat je op een dag doodgaat. Iedereen weet het, maar we gaan er pas over nadenken als het (bijna) zo ver is.

Psychologen

Psychologen zijn er wel mee bezig. Zij krijgen mensen in hun praktijk die FOMO-verschijnselen hebben. Op internet kun je dus best wat vinden over psychologische duidingen van FOMO. Psycholoog Barry Schwartz zegt het volgende:

Stop paying so much attention to how others around you are doing” is easy advice to give, but hard to follow, because the evidence of how others are doing is pervasive, because most of us seem to care a great deal about status, and finally, because access to some of the most important things in life (for example, the best colleges, the best jobs, the best houses in the best neighborhoods) is granted only to those who do better than their peers. Nonetheless, social comparison seems sufficiently destructive to our sense of well-being that it is worthwhile to remind ourselves to do it less.

(bekijk hier prof. Schwartz’ TED talk)

De vraag

Wat is FOMO nou eigenlijk in de kern? Is het (zoals wel eens gezegd wordt) in wezen een vorm van verdriet of eenzaamheid? Of is het een symptoom van mensen die niet gelukkig kunnen zijn? Of, dat kan ook, is het eigenlijk een neveneffect van mensen die gewoonweg méér willen, die verlangen, die dromen, die jagen?

De methode

Natuurlijk ga ik daarbij kijken wat psychologen ervan denken. Of trendwatchers. Maar ik ga er nog iets aan toevoegen: de spirituele kant van FOMO, vanuit een filosofisch-theologische blik. En daar heb ik een goede reden voor, want in de bronnen van de Westerse beschaving komt FOMO ook voor. En zonder dat perspectief begrijpen we onszelf niet goed, laat staan onze cultuur.

Ik noem twee voorbeelden:

Het hemels paradijs

Misschien ken je het verhaal van Adam, Eva, het Paradijs en de verboden vrucht. Een kernverhaal van onze beschaving, en FOMO in z’n zuiverste vorm. Het verhaal vertelt dat Adam en Eva alles hadden wat hun hart begeerde, op één ding na. En daar vielen ze voor. FOMO.

Het aardse paradijs

In de westerse filosofie is er veel gediscussieerd over vrijheid. Maar bijna nooit ging het zo ver dat vrijheid absoluut was. Er zijn twee vormen van slavernij: volledige gebondenheid en volledige vrijheid. Rousseau, John Stuart Mill, Milton en vele anderen formuleerden hun vrijheid altijd als binnen bepaalde kaders. Het kan haast niet anders dan dat hetzelfde zal gelden voor keuzevrijheid.

Het medicijn

Naast het StandUp programma over FOMO heb ik ook een a4tje gemaakt met (kernachtig) de basis van mijn medicijn tegen FOMO. Zal ik het je opsturen?

Laat dan hier je emailadres achter.

fomo

Ontvang m'n antwoord!

Ontvang m'n antwoord!

Ik ga met de vraag aan de slag - wil je m'n antwoord ontvangen zodra ik het af heb?

Laat dan hier je gegevens achter.

Gelukt! Je hoort van me!